Bij onze dagelijkse gang naar de plaatselijke supermarkt vindt een kleine markt plaats. Op die markt staat een wagen met gebraden kippetjes. Althans dat zullen ze gaan zijn in de loop van de dag.
Je kan een kippetje bestellen en dan geeft de kippetjes ‘boer’ aan hoe laat het gebraden kippetje kan worden opgehaald. Dat halen we dus niet want wij zijn dan nog aan het fietsen. Martien doet een voorstel. Na wat heen en weer gepraat in het Frans en halfbakken Frans met gebaren dat eindigt in een wederzijdse bevestigende blik van overeenstemming zijn we d’r uit.
De ‘boer’ brengt het kippetje zodra ‘ie klaar is naar de supermarkt (10 meter verderop). Daar laat hij hem in het magazijn achter en kunnen wij hem later ophalen. We betalen €13 contant.
KIPPETJE GEVLOGEN
Ik maak daarbij een vliegend gebaar met m’n handen en zeg daarbij lachend ‘non non’ met ‘poulet’ en dat begrijpt hij meteen.
In de supermarkt zie ik bij de vleesafdeling een gebraden kippetje voor €8. We besluiten dat die minder lekker zal zijn en rekenen wat kleine dingen af bij de kassa waarna ook ons eigen kippetje ter sprake komt.
Na wat heen en weer gepraat in het Frans en halfbakken Frans met gebaren over wat de beoogde bedoeling is eindigt dit kassagesprek in een ferm strak Frans antwoord dat onmiskenbaar duidt op een ‘nee dat doen we niet’.
Buitengekomen loopt Martien terug naar de ‘boer’ om de ontstane situatie uit te leggen. Even later komt ze terug. Ze zijn d’r uit. Afgesproken is dat het gebraden kippetje op het eind van de middag te ‘vondeling’ wordt gelegd bij een tweetal vuilcontainers. De ‘boer’ laat z’n kippetje niet zomaar teruggeven.
We hebben de hele dag heerlijk gefietst en komen aan het eind van de middag terug bij onze supermarkt. Een stukje verderop bij de vuilcontainers zien we op de grond tegen een laag muurtje een wit plastic tasje. Ik pak de zak op en hij ruikt naar kip.
In de avond laten we het ons smaken. Ons ‘verweesde’ kippetje is dan toch nog in goede handen gekomen. En niet gevlogen.
