Op zondag 5 juli 2020 vroeg in de middag is het raak. Hard gekrijs van meeuwen in ons Haags groene nieuwbouw hofje. Martien – uiteraard – meteen naar buiten. Een jonge bruin grijze zeemeeuw (zilvermeeuw) stiefelt langs de rand van de heg van tuin naar tuin. Vele grote zilvermeeuwen (we noemen ze allemaal nu maar gewoon zeemeeuwen – meer wisten wij toen ook nog niet) vliegen rond en plots wordt een naar het lijkt schijnaanval ingezet op onze kater Snoep die zich – ook uiteraard – van géén kwaad bewust is. De jonge zeemeeuw loopt bij één van onze buren (Riekje op huisnummer 8) een paar huizen verderop bij de keuken naar binnen. Dat is hier goed te volgen door de rode ster met een 1 en dan de zwarte pijl na te lopen. Uit automatisme heb ik alvast uit de woonkamer een blauwe deken gehaald zoals we die ook hebben gebruikt voor het vangen van losgebroken konijnen hier in de buurt. Daarnaast heb ik ook van vier hoog onze roze plastic transportbox van onze kat Snoep naar beneden gehaald.
Het beestje laat zich gemakkelijk met de handen vangen. Eenmaal tussen je handen begint hij het op een krijsen te zetten. De rond cirkelende meeuwen slaan hierop aan met nog meer gekrijs. Ik denk in een fractie van een seconde even aan een scene van Jurassic Park, natuurlijk een andere setting en misschien wat sterk overtrokken. Het ene moment loopt ‘ie nog buiten, het andere moment zit ‘ie in een roze transportbox.
STEVIGE RUKWINDEN
Al snel krijgen we door dat de jonge zeemeeuw (nog) niet kan vliegen. We nemen meteen aan dat hij door een stevige rukwind zo’n 12 meter (4 x circa 2.90 meter) van het platte dak van vier hoog naar beneden is gewaaid. Hij oogt heel jong en we vinden dat hij hopeloos verloren is met al die katten hier in de buurt. Paniek bij ons, bij de meeuwen en bij iedereen.
Achteraf bezien zal Martien toen hebben gedacht of beter gezegd ging d’r instinctief in een fractie van een seconde door d’r heen: → deze jonge zeemeeuw is door de val gewond geraakt; → jonge zeemeeuw zal ten prooi vallen aan de katten in de buurt; → zeemeeuw krijgt zonder z’n ouders niet meer te eten; → meeuw kan een stuk verderop de hoek om onder een langsrijdende auto komen; → is ver verwijderd van z’n beschermde ouderlijke omgeving!
Ik dacht op dat moment niets. En dan wordt deze jonge zeemeeuw al gauw ‘onze’ (te) jonge zeemeeuw. En wij gaan hem redden.